De kracht van het NU is één van de best verkochte spirituele boeken van de laatste jaren en is inmiddels vertaald in meer dan dertig talen, waaronder het Nederlands. Het boek is geschreven door de bekende spirituele auteur Eckhart Tolle die vooral bekend werd toen Oprah Winfrey op aanraden van Meg Ryan het boek in haar boekenclub heeft opgenomen. Onlangs kon je zelfs online een tiendelige live-show volgen waar Eckhart samen met Oprah zijn leer over de kracht van het NU bespreekt in functie van zijn nieuwste boek een nieuwe Aarde
In de kracht van het NU legt de auteur door middel van vraag en antwoord uit dat de mens zich identificeert met het ego, ofwel het onechte zelf van de mens en dat men dit kan doorbreken door bewust in het Nu te staan. Verder legt hij uit dat er vele pijnen en frustraties ontstaan uit de identificatie met het menselijke denken en het ‘onechte’ verhaal dat dit ego met zich meedraagt. De verlossing van het ego ligt erin je ware identiteit, of de Ik Ben, in het NU te vinden. Verder zegt hij dat een van de grootste blokkades om in het NU te staan onze menselijke relaties zijn. Toch kunnen relaties ook een poort zijn om tot verlichting te komen, volgens Tolle. We dienen ze dan wijs te benutten en liefde te geven en ontvangen in plaats van energie van elkaar op te slokken.
Een mooi stukje uit het boek:
Christus: de werkelijkheid van je goddelijke aanwezigheid
“Hecht je niet aan een bepaald woord. Je kunt ‘Christus’ gebruiken in plaats van aanwezigheid als je dat als zinvoller beschouwt. Christus is je God-essentie of het Zelf, zoals het in het Oosten soms wordt genoemd. Het enige verschil tussen Christus en aanwezigheid is dat Christus verwijst naar de inwonende goddelijkheid, of je je daar nu bewust van bent of niet, terwijl aanwezigheid je ontwaakte goddelijkheid of God-essentie betekent.
Heel wat misverstanden en misvattingen over Christus verdwijnen als je beseft dat Christus geen verleden en toekomst kent. Te zeggen dat Christus was of zal zijn is een innerlijke tegenspraak. Jezus was. Hij was een man die tweeduizend jaar geleden leefde en de goddelijke aanwezigheid verwezenlijkte, zijn ware natuur. En dus zei hij: ‘Voordat Abraham was, ben ik.’ Hij zei niet: ‘Ik bestond al voordat Abraham geboren was.’ Dat zou betekend hebben dat hij zich nog steeds bevond in de dimensie van tijd en identificatie met vorm. De woorden ‘ben ik’ in een zin die in de verleden tijd begint, wijzen op een radicale verschuiving, een discontinuïteit in de tijdsdimensie. Het is een heel diepzinnige, zenachtige uitspraak. Jezus probeerde heel direct, niet door het redenerende denken, de betekenis van aanwezigheid, van zelfverwezenlijking over te brengen. Hij had de door de tijd geregeerde bewustzijnsdimensie achter zich gelaten en het rijd van de tijdloze betreden. De dimensie van de eeuwigheid was in deze wereld gekomen. Eeuwigheid betekent natuurlijk niet eindeloze tijd, maar geen tijd. De man Jezus werd dus Christus, een voertuig voor zuiver bewustzijn. En hoe omschrijft God zichzelf in de Bijbel? Zei God: ‘Ik ben er altijd geweest en zal er altijd zijn’? Natuurlijk niet. Daarmee zou hij verleden en toekomst tot werkelijkheid verklaard hebben. God zei: ‘Ik ben die Ik ben.’ Geen sprake dus van tijd, alleen aanwezigheid.
De ‘wederkomst’ van Christus is een verandering in het menselijk bewustzijn, een overgang van tijd naar aanwezigheid, van denken naar zuiver bewustzijn, en niet de komst van een man of vrouw. Als ‘Christus’ morgen zou terugkeren in de een of andere uiterlijke vorm, wat zou hij of zij dan anders kunnen zeggen dan ‘Ik ben de Waarheid. Ik ben goddelijke aanwezigheid. Ik ben eeuwig leven. IK ben in je. Ik ben hier. Ik ben Nu.
Maak nooit een personificatie van Christus. Maak geen identificatie van Christus met vorm. Avatars, goddelijke moeders, verlichte meesters, de paar echte onder hen, waren als persoon niet bijzonder. Zonder vals zelf om overeind te houden, te verdedigen en te voeden zijn ze eenvoudiger, gewoner dan de gemiddelde man of vrouw. Iemand met een sterk ego zou zo iemand als onbetekenend beschouwen of, veel waarschijnlijker, helemaal niet opmerken.
Als je wordt aangetrokken door een verlichte leraar, komt dat daardoor, dat er al zoveel aanwezigheid in je is dat je aanwezigheid bij een ander kunt herkennen. Er zijn veel mensen geweest die Jezus of Boeddha niet hebben herkend, net zoals er veel mensen zijn geweest en nog zijn die aangetrokken worden door valse leraren. Ego’s worden aangetrokken door grotere ego’s. Het duister kan het licht niet herkennen. Alleen licht kan licht herkennen. Geloof dus niet dat het licht buiten je is of dat het alleen door een bepaalde vorm tot je kan komen. Als alleen je meester een incarnatie van God is, wie ben jij dan? Elke vorm van exclusiviteit is een identificatie met vorm en identificatie met vorm, hoe goed verhuld ook, betekent ego.
Gebruik de aanwezigheid van je meester om je eigen identiteit voorbij naam en vorm te weerkaatsen op jezelf en zelf intenser aanwezig te worden. Je merkt al snel dat er bij aanwezigheid geen ‘mijn’ of ‘jouw’ is. Aanwezigheid is één. Groepswerk kan ook helpen het licht van je aanwezigheid te versterken. Een groep mensen die samenkomt in een toestand van aanwezigheid, brengt een collectief energieveld voort met een grote intensiteit. Het verhoogt niet alleen de mate van aanwezigheid van de leden van de groep afzonderlijk, maar helpt ook het collectieve menselijke bewustzijn zich te bevrijden uit zijn huidige toestand van overheersing door het verstand. Daardoor wordt de toestand van aanwezigheid steeds toegankelijker voor afzonderlijke mensen. Maar als je niet ten minste een van de leden van de groep al sterk in de aanwezigheid verankerd is en zo de energiefrequentie op peli kan houiden, kan het ikzuchtige verstand zich makkelijk opnieuw laten gelden en de inspanningen van de groep saboteren. Hoewel groepswerk van onschatbare waarde is, is het niet genoeg en het is niet goed als je er afhankelijk van wordt. Ook moet je niet afhankelijk worden van een leraar of meester, behalve tijdens de overgangsperiode, wanneer je de betekenis en beoefening van aanwezigheid leert.”
Bronvermelding:
ISBN: 90-202-8230-1
Uitgeverij: Ankh-Hermes bv, Deventer
Jaar van uitgave: 2001



0 reacties tot nu toe ↓
Er zijn nog geen reacties geplaatst. Wees de eerste om een reactie achter te laten.
Laat een reactie na ...